Aan het einde van de oorlog is weer een plekje gestegen in de Bestseller 60: nummer 5 (bij de fictie op nummer 3, direct onder Ilja Gort).

Er is nog meer goed nieuws want de hoogste positie wordt ingenomen door De dichter en de duivel van Lieke Marsman. Hoe vaak zou het gebeurd zijn dat een dichtbundel het bestverkochte boek van Nederland was? En dit is dan eigenlijk ook nog eens één groot gedicht, dat ik met genoegen en bewondering las. En met een grijns over de bekende gezichten die in de onderwereld opduiken, net als ik tijdens het lezen van Dante soms een glimlach niet kon onderdrukken, bijvoorbeeld bij de beschrijving van de rivier van kokend bloed waarin mensen worden ondergedompeld die bloed aan hun handen hebben. De ergste moordenaars staan er tot hun kruin in, maar allengs zakt het bloedpeil en wijst Vergilius op een groepje mensen dat er maar tot hun middel in staat. Dan schrijft Dante (in de prozavertaling van Frans van Dooren):

En van hen herkende ik er aardig wat.
