Goldberg

Vrijdagavond 14 december a.s. vindt in het Concertgebouw te Amsterdam het laatste concert van dit jaar plaats in de reeks Iconen in de Kleine Zaal: de Goldbergvariaties van Johann Sebastian Bach worden dan gespeeld door Hannes Minnaar en ik vertel er het een en ander over. Er zijn nog enkele kaarten beschikbaar, klik hier.002_sGLDBRG_04282003_0019--0a7c6d410ac56f4d2274383da0bf1a81Dit is worstelaar Bill Goldberg, die heeft er verder niets mee te maken (hoop ik).

The Czars

Zaterdag maakte ik door het beregende glazen dak van onze (stilstaande, agent!) auto een foto van een boom. Vanmorgen zette ik die foto op het bureaublad van mijn computer en haalde ik de tweede plaat van het dubbelalbum The CZARS Best Of uit de hoes en wat zie ik op de binnenhoes?

Verkocht

bonham

De partituur die Glenn Gould gebruikte bij zijn tweede opname van de Goldbergvariaties is deze week verkocht voor $ 125.000,-. Best veel geld voor een partituur die volstrekt onbruikbaar is geworden door de wilde aantekeningen van Gould. Voor twee tientjes koop je een nieuwe waarin niet is gekrast. Het blijft een fascinerend document, daar niet van, maar ik geloof niet dat ik echt blij zou worden als ik in bezit had gekregen door er meer dan een ton voor te betalen.

Glenn Gould

Vorige week was ik te horen in een uitzending van Nooit Meer Slapen (tegen het eind van de uitzending, vanaf 1:44), waar Pieter van der Wielen met enkele vragen stelde over een partituur van Bachs Goldbergvariaties die vandaag geveild zal worden bij Bonham’s.

Het gaat om een exemplaar dat Glenn Gould heeft gebruikt bij het editten van zijn tweede opname van de variaties. Er staan aantekeningen in over de takes die gebruikt moeten worden voor de uiteindelijke versie die op plaat zou verschijnen en opmerkingen over de verschillen tussen de digitale en de analoge opnames die tegelijk werden gemaakt.

Een andere keer kom ik daar graag op terug, vandaag ga ik even wat babbelen over Glenn & mij.

Ik heb een haat-liefde-verhouding met Glenn Gould, of eigenlijk een liefde-haat-liefde-verhouding. Ik ontdekte de klaviermuziek van Bach dankzij Jeroen Brouwers, die er vaak over schreef. Bij de personeelswinkel van Philips, waar je goedkoop platen en cd’s en apparatuur kon aanschaffen als je, zoals mijn vader, bij het bedrijf werkzaam was, vond ik als jongen van vijftien een opname van Zoltan Kocsis, die op het Philips-label een dubbelcd uitbracht met Bachs Die Kunst der Fuge.

170478717900

Ik denk dat dit mijn eerste kennismaking was. Ik heb die cd helaas niet meer. Maar hier hoor je hoe het ongeveer klonk:

De volgende vertolker van Bachs muziek op klavier met Glenn Gould zijn geweest. Een paar jaar was ik helemaal weg van zijn vertolkingen. En ook van zijn persoonlijkheid, de humor die hij had, de gekte, de toewijding aan de muziek.

Er bestaan goede documentaires over zijn leven (The Alchemist (1974) en Thereafter (2005) van Bruno Monsaingeon en Genius Within van Peter Raymont en Michèle Hozer (2010)) en ook een geweldige speelfilm in fragmenten (Thirty Two Short Films About Glenn Gould van François Girard (1993)), en daarnaast tientallen uren opnames van optredens uit het begin van zijn carrière en van de Canadese televisie, waar hij jarenlang muziekonderwijs gaf, op de manier waarop Bernstein (en later Wynton Marsalis) het in Amerika deed: sprekend en spelend.

Gaandeweg ontdekte mijn muzikale Bildung ontdekte ik Gustav Leonhardt, die Bach op klavecimbel speelde. Het kostte me enige tijd om aan de klank van dat instrument te wennen, maar na een paar jaar kon ik Bach op de piano niet meer aanhoren (de meeste mensen hebben dat bij Bach op klavecimbel) en ergerde ik me rot aan Glenn Gould, die in mijn oren meer Gould dan Bach speelde. Dat was eind jaren negentig.

Ik denk dat ik pas in de tijd dat ik begon na te denken over mijn roman Goldberg (rond 2000, ver voor mijn debuut) weer naar Glenn Gould ging luisteren en ik getroffen werd juist door de manier waarop hij de muziek annexeerde.

Gould speelde ook Hindemith en Schönberg en Brahms, en daarvoor kan ik het niet zo goed beoordelen, maar zeker is wel dat hij ook Beethoven en Mozart naar zijn hand zette. Bij Mozart erger ik me nog steeds de helft van de tijd, maar de Beethoven van Gould vind ik vaak erg goed, omdat hij dingen laten horen die je bij geen andere pianist hoort, zelfs niet bij Gulda (dat komt natuurlijk doordat Beethoven zijn muziek niet bedoeld heeft zoals Gould haar speelt, maar dat maakt niet uit).

Dit is Glenn Gould in 1960, met het laatste deeltje uit de Piano Sonata 17 in d-klein, op. 31/2, bijgenaamd The Tempest. 

Voor de liefhebber hier Glenn Gould met de hele sonate en introductie in 1967 (daaronder volgt een oppervlakkige vergelijking van Gould met andere pianisten:

Ter vergelijk Wilhelm Kempff, die speelt het trouwens ook idioot goed en geeft er een eigen draai aan, ergens eind jaren zestig, en hij kijkt erbij van: wat doen mijn handen nu toch allemaal weer?

Zo doet Daniel Barenboim het (totaal oninteressant, vind ik) (ik denk dat zelfs de grootste leek kan horen dat dit gepingel is) (niet dat ik niet zo zou willen kunnen spelen).

De meeste hits op internet heeft ongetwijfeld deze youtubester van onze tijd, Valentina Lisitsa. Dit is opname die werd gemaakt bij een repetitie, waarbij ze een camera om haar nek droeg, wat voor mij niet echt bijdraagt aan de ervaring, omdat het camerastandpunt de indruk wekt dat ze lazarus is, maar goed, gelukkig zijn er meer camera’s en is het geluid goed (en eerlijk is eerlijk, na 0:53 zie je heel goed de linkerhand (en pink) die basnootjes spelen en hoor je ze ook beter). Ze is controversieel, vanwege haar steun voor de Russische annexatie van de Krim, terwijl ze Oekraïense van geboorte is. Maar dat hindert niet, want ik vind dit gewoon echt goed gespeeld.

En dan als toetje een scène uit Total Recall (klaarblijkelijk Hongaars nagesynchroniseerd), waarin de protagonist eerst een stukje Mondschein-sonate pingelt en vervolgens een stukje uit het derde deel van The Tempest en wat er dan gebeurt!

Herriedienst

Ik dacht even dat de Concorde weer vloog, want ik hoorde dit:

Ik keek naar de lucht, maar ik moest naar de grond kijken, want het was er zo eentje:

Ik woon in Baarn, waar niet zo lang geleden het Actiecomité Vlieghinder Baarn is opgericht. Mijn plaatsgenoot Wim Hazeu merkte laatst al op: ze kunnen beter wat doen aan die bladblazers.

Ja!

Inderdaad!

Waarom richten we geen Actiecomité Bladblazerhinder Baarn op?

En een Actiecomité Hogedrukspuithinder Baarn?

En een Actiecomité Decoupeerzaaghinder Baarn?

En een Actiecomité Schuurmachinehinder Baarn?

En een Actiecomité Grasmaaierhinder Baarn?

Ik heb soms de indruk dat er mensen in mijn buurt wonen die een whatsappgroepje hebben waarin ze elkaar op de hoogte houden van de decibellen die worden geproduceerd. Die sturen elkaar een berichtje als ze bijna klaar zijn met lawaai maken, zodat een ander de herriedienst naadloos kan overnemen, zonder dat er een hinderlijke stilte valt.

2018-1979

Ik ben vast niet de enige die bij het horen van het tweede nummer (‘Give Yourself a Try’) van het nieuwe album van The 1975 meteen aan ‘Disorder’, het openingsnummer van Unknown Pleasures (1979) van Joy Division dacht.

 

Hier een korte lofrede op Unknown Pleasures van Henry Rollins, gevolgd door ‘Disorder’.

Overigens worden de leden van Joy Division keurig in de song writing credits genoemd, zie ik nu (ik heb ze even vet gemaakt):

Adam Brian Thomas Hann / George Bedford Daniel / Matthew Timothy Healy / Ross Stewart MacDonald / Bernard Sumner / Ian Curtis / Peter Hook / Stephen Paul David Morris

Ieder tijdperk krijgt de muziek die het verdient, dat blijkt ook uit de eerste regels van beide nummers (ik hoef er niet bij te zetten uit welk nummer welke regels stammen).

You learn a couple things when you get to my age
Like friends don’t lie and it all tastes the same in the dark
When your vinyl and your coffee collection is a sign of the times
You’re getting spiritually enlightened at 29

 

I’ve been waiting for a guide to come and take me by the hand,
Could these sensations make me feel the pleasures of a normal man?
These sensations barely interest me for another day,
I’ve got the spirit, lose the feeling, take the shock away.

Bowie tussen kunst en kitsch

Bij Radio Veronica draaien ze hun Top 1000 allertijden (dat wil zeggen vanaf 1968, mijn geboortejaar, alles wat daarvoor aan muziek werd gemaakt is voor Radio Veronica blijkbaar bagger). Ze adverteren online voor hun uitzendingen met een campagne waarin portretten van artiesten als ‘meesterwerken’ worden gepresenteerd, als quasi-geschilderde portretten in een gouden lijst. Ik zag Slash voorbijkomen, Amy Winehouse en David Bowie.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Bowie in een molensteenkraag. Jammer, zeker als je bedenkt dat Bowie een groot liefhebber van moderne kunst was. In 1994 schilderde Stephen Finer dit geweldige portret van Bowie, op zaal te zien in de National Portrait Gallery te Londen.

finerbowie

© Stephen Finer/National Portrait Gallery