
De Noorse editie van Aan het einde van de oorlog, vertaald door Hedda Vormeland en uitgegeven door Bonnier Norsk Vorlag, ziet er prachtig uit. Een dik gebonden boek van bijna 670 bladzijden met een huiveringwekkend schilderij van Vebjørn Sand op het voorplat, dat voorzien is van spotvernis. Het is voor mij heel bijzonder dit boek in handen te hebben.
Vanbinnen volgt deze vertaling de typografie die ik in september 2020 bedacht, met de uitspringende regeltjes in klein kapitaal en de vetgedrukte eigennaam aan het begin. Mooi om dat terug te zien in een taal die ik alleen een beetje kan volgen omdat ik de originele tekst zelf heb geschreven en goed ken.

Hieronder een voorbeeld van het manuscript zoals het eruitzag in januari 2021, toen ik al een paar maanden bezig was (ik kon niet meteen een vroegere versie op mijn computer vinden). Herbert heet hier nog Klaus, later veranderde ik dat, omdat hij steeds optreedt met Karl en ik verwarring tussen die twee korte namen die beginnen met een K wilde voorkomen.
Klaus/Herbert was in deze versie nog eindeloos aan het gokken op welke actrice hij Christine nou precies vond lijken. Alles is nog in de onvoltooid verleden tijd geschreven, er staan nog Duitse termen en zinnen in en ik geef gedachten in cursief (en in de onvoltooid tegenwoordige tijd) weer.

