Nashville

De ondertekenaars van de Nashville-verklaring weten nauwkeurig wat God wil. Zij beschouwen medemensen die seks buiten het huwelijk hebben, homoseksuelen en transgenders als ‘onrein’ en ‘de Heer onwaardig’; voor hen is er geen plaats in de kerk. Er is ook geen ruimte voor dialoog, want ‘getrouwe christenen onderling’ mogen hierover niet van mening verschillen.
Om hun gelijk te onderstrepen beroepen de ondertekenaars zich op perikopen waarvan ik dacht dat niemand in onze tijd die nog zou durven aanhalen, zoals Leviticus 20:13:
Wie [bedoeld wordt: wie als man] met een man het bed deelt als met een vrouw, begaat een gruweldaad. Beiden moeten ter dood gebracht worden en hebben hun dood aan zichzelf te wijten.
Gelukkig bevat deze harteloze en fanatieke verklaring een lichtpuntje. Er staat:
‘Over het geheel genomen ziet de geest van onze eeuw niet langer de schoonheid
van Gods bedoeling met het mensenleven en verblijdt zij zich daar ook niet meer in.’
Het woord ‘geest’ is mannelijk, maar er wordt in deze zin naar terugverwezen met
het vrouwelijke ‘zij’. Taalkundig zijn de ondertekenaars menselijker dan in de rest
van hun denken.