Research

VKokt79

Voor Ze zullen denken dat we engelen zijn heb ik weinig research gedaan, maar een van de dingen waarin ik me heb verdiept, is de geschiedenis van het terrorisme in Nederland. Ik had natuurlijk al over de RAF geschreven in Goldberg en ik weet van de treinkapingen, maar over aanslagen van de PLO op gasinstallaties wist ik bijvoorbeeld niets, net als van een reeks onopgeloste aanslagen op warenhuizen in de jaren zeventig of de in februari 1972 door de Rode jeugd gepleegde aanslag op de vestiging van Philips in Baarn, waar mijn vader toen werkte.

Het meest verbaasd was ik over twee aanslagen in 1979: in het voorjaar werd Sir Richard Sykes, de Britse ambassadeur in Nederland, samen met zijn Nederlandse huisknecht Karel Straub, doodgeschoten in Den Haag. In zijn witte Rolls Royce. Voor deze dubbele moord was de IRA verantwoordelijk, die ruim tien jaar later ook nog ‘per ongeluk’ twee Australische toeristen vermoordde in Roermond.

In het najaar van 1979 werd eveneens in Den Haag Ahmet Benler, de zeventwintigjarige zoon van de Turkse ambassadeur, doodgeschoten, in zijn rode VW Kever met diplomatiek nummerbord. Die aanslag aan het Lange Voorhout werd telefonisch opgeëist door terroristen die streden voor de erkenning van de Armeense genocide, die destijds in de Volkskrant met het synoniem volkerenmoord werd aangeduid. De zoon van de ambassadeur was een van de vele hooggeplaatste Turkse slachtoffers in een lange reeks aanslagen. Drie jaar later mislukte er trouwens in Rotterdam een aanslag op Kemalettin Demirer, de Turkse consul.

Ik had er niet veel aan voor mijn boek, maar ik dacht wel: gelukkig leven we wat terrorisme betreft in rustiger tijden.